Bel Techno Lease Stuur Techno Lease een e-mal

Tips voor rijden met een caravan of trailer

In de zomerperiode wordt vanzelfsprekend vaker gereden met een caravan, vouwwagen, boottrailer, of een aanhanger (voor die ene klus). Met deze tips rijd je zelfverzekerd en veiliger met een aanhanger achter je auto.

Elektrische auto met caravan - Techno Lease

1. Check altijd het gewicht (de cijfers)

Met je normale rijbewijs (rijbewijs B) mag je een combinatie van een auto + aanhanger rijden die in totaal niet meer weegt dan 3.500 kg. Weegt de combinatie meer, dan heb je rijbewijs B+ of BE nodig. Weegt je aanhanger, trailer of caravan (inclusief lading) meer dan maximaal 750 kg, dan heeft deze ook een eigen kenteken nodig. 

Denk uiteraard ook aan de maximumsnelheid: Met aanhanger mag je maximaal 90 km/u rijden; met een zware aanhanger max. 80 km/u.

Bekijk voor meer informatie en details ook deze pagina van de Rijksoverheid.

 

2. Wat mag je auto aan gewicht trekken, geremd en ongeremd?

Elk type auto heeft een eigen maximaal toegestaan aanhanggewicht, geremd en ongeremd. Een grote auto met sterkere motor heeft over het algemeen een hoger trekgewicht. Bij hybrides en plug-in hybrides liggen de trekgewichten gemiddeld iets lager.

Het maximale aanhangergewicht van jouw auto vind je op de achterkant van je kentekenbewijs bij tech. max. massa AHW geremd en ongeremd. Het maximale aanhangergewicht hangt dus af of jouw aanhanger voorzien is van remmen of niet.

 

3. De stabiele ‘75%-regel’

Een combinatie auto-aanhanger ligt stabieler op de weg en rijdt veiliger wanneer de trekkende auto (fors) zwaarder is dan de getrokken twee- of vierwieler. Daarvoor is de ‘75%-regel’: laad je aanhanger nooit zwaarder dan driekwart van het totaalgewicht van je auto.

 

4. Let op de verdeling van het gewicht

Ook belangrijk: verdeel de bagage(/gewicht) in je aanhanger gelijkmatig over voor/achter en links/rechts en houd de maximale kogeldruk in de gaten. Een gelijkmatig beladen aanhanger reageert bij plotselinge manoeuvres – zoals uitwijken of stevig remmen – rustiger en voorspelbaarder en volgt makkelijker het spoor.

 

5. Zet je lading vast

Over beladen gesproken: zorg dat je lading veilig is vastgezet. Dat is belangrijk bij open aanhangers, maar ook bij dichte en bijvoorbeeld bij caravans: je wilt niet dat je lading (en daarmee het gewicht!) onderweg verschuift of dat je spullen door je caravan schuiven. Dat kan de boel lelijk beschadigen én gevaarlijke onbalans geven. Span bij een open aanhanger ook altijd een net of afdekzeil over de lading. Wel zo veilig.

 

6. Slingeren? Houd ’t hoofd koel!

Zijwind, lekke band, onrustige sturen, sporen in de weg; het kan gebeuren dat je aanhanger opeens gaat slingeren. Spannend, maar geen reden voor paniek. Blijf rustig, vermijd abrupte reacties en vertraag gedoseerd tot de boel weer stabiliseert. (Of geef juist een klein beetje gas bij om de bokkende aanhanger ‘in het gareel te trekken’.) Is de rust weergekeerd? Stop dan op een veilige plek en controleer of alle lading nog op zijn plek zit.


7. Achteruitrijden: neem de tijd (en ruimte)

Veilig op je bestemming? Het (achteruit) inparkeren van je aanhanger is na een lange (vakantie)rit vaak een uitdagend toetje. De truc is: neem de tijd. Houd de snelheid laag en stuur steeds in de ándere richting dan waar je aanhanger heen moet: stuur je naar rechts, dan gaat de aanhanger naar links – en andersom. Blijf continu goed in de buitenspiegels kijken, voorkom scherpe bochten (zodat auto en aanhanger elkaar niet raken) en houd de combinatie zo veel mogelijk in een rechte lijn – wel zo veilig.

 

Wij wensen je een prettige en veilige rit!